Idee voor een Wiki artikel? Lees in dit artikel hoe je kunt helpen!

Hoefbevangenheid

Uit Bokt

Ga naar: navigatie, zoeken
Voorbehoud medisch
Let op: Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij twijfel over de gezondheid van je paard altijd een dierenarts!


Afwijkende vorm van de hoeven door hoefbevangenheid

Hoefbevangenheid komt de laatste jaren steeds vaker voor. De medische term voor hoefbevangenheid is laminitis. Het woord laminitis verwijst naar de lamellen waarmee het hoefbeen in de hoef bevestigd is. Deze lamellen kunnen door verschillende oorzaken ontstoken raken en in het ernstigste geval beschadigen en zelfs losraken, waardoor het hoefbeen in de hoef kan kantelen en zelfs door de zool van de hoef kan breken. Bel bij verdenking van hoefbevangenheid altijd meteen de dierenarts en je hoefsmid. Gezien de ernstige gevolgen die laminitis kan hebben voor je paard of pony moet het beschouwd worden als een spoedgeval. Je paard of pony heeft veel pijn dus ga niet zelf dokteren maar bel meteen je dierenarts. Met snel ingrijpen kun je erger voorkomen.

Oorzaak of etiologie

Er wordt, met name in het buitenland, veel onderzoek verricht naar het ontstaan van hoefbevangenheid. Ondanks dat er een aantal bekende aanleidingen zijn waarbij hoefbevangenheid kan ontstaan, zijn de échte oorzaken van het ontsteken van de lamellen in de hoef nog onbekend. Ook hoe de ziekte voorkomen kan worden is nog niet achterhaald. We moeten het vooralsnog doen met een aantal inmiddels wel wetenschappelijk bewezen mogelijkheden.

De vele mogelijke oorzaken zijn onder te verdelen in 3 grote groepen:

  • Stofwisseling gerelateerd

Dit kan heel breed zijn, bijvoorbeeld EMS of Cushing kan aan de basis van de problemen liggen, maar ook verkeerd voer zoals te veel mais of klaver.

  • Bloedbeeld gerelateerd

Via het bloed kunnen allerlei stoffen in de hoef terecht komen en daar problemen veroorzaken. Dit kunnen endotoxines zijn geproduceerd door bacteriën, of er kunnen bacteriën in het bloed zelf aanwezig zijn (= sepsis). Ook tying up, ophouden van de nageboorte en cyclusstoringen kunnen zorgen voor stoffen in het bloed die daar niet horen.

  • Overbelasting

Veel gewicht op de ene voet zetten omdat het paard kreupel is aan de andere voet, bijvoorbeeld door nageltred. Of teveel beweging op een harde ondergrond terwijl het paard dunne zolen heeft.

Met name sobere pony's zoals shetlanders, ijslanders, haflingers en fjorden zijn erg gevoelig voor EMS en daardoor hoefbevangenheid.

Ziekteverloop of pathogenese

De pathogenese van hoefbevangenheid is zeer complex. Om verschillende redenen kan de verbinding tussen epidermis waaraan de hoefwand bevestigd is losraken van de dermis waarin het hoefbeen ligt. Door het gewicht van het paard staat er contant druk op de diepe buigpees die aan het hoefbeen vast zit. Het hoefbeen kan door deze kracht gaan kantelen. Het paard zal veel pijn hebben doordat de zachte weefsels in de hoef klem komen te zitten tussen de hoefwand en het hoefbeen. Er treedt ook oedeem op in de hoef waardoor de druk nog toeneemt.

Hoe de etiologie precies tot het losraken van het hoefbeen leidt is niet geheel duidelijk.[1]

Symptomen

Typische stand

In het verloop van hoefbevangenheid kan een eerste acute fase en een latere chronische fase onderscheiden worden. Beide hebben kenmerkende symptomen.

De eerste tekenen van hoefbevangenheid

Deze eerste fase wordt de acute fase genoemd. Bij de eerste, zichtbare symptomen van hoefbevangenheid is de ziekte in feite al in het lichaam en zul je snel moeten handelen!.

  • Het paard ontlast de hoeven om en om.
  • Het paard loopt in de eerste instantie stijf
  • Er is een stuwende polsslag te voelen aan de slagader bij de kogel.
  • De hoeven en de kroonrand zijn warm.
  • Bij korte wendingen is te zien dat het paard pijnlijke voeten heeft.
  • Het paard loopt duwend of maakt korte stappen.
  • Het paard gaat kreupel lopen.
  • De straalpunt is gevoelig en warm.
  • Vaak is de manenkam van het paard opgezet en hard.

Heeft het paard één of meerdere van deze symptomen bel dan direct de dierenarts en laat deze direct komen. Binnen 24-48 uur treedt de chronische fase in en dan wordt de kans op genezing vele malen kleiner en is in het ernstigste geval niet meer te behandelen.

Naast de overduidelijke signalen zoals kreupelheid, zijn er ook paarden die niet of nauwelijks signalen tonen, maar die toch (licht) bevangen zijn. Je voelt geen pols, de hoef is niet warm, er zijn geen opgezette of ingedeukte kroonranden, vaak is het enige wat je ziet een wat verkorte stap, het van gewicht op het been wisselen, niet gemakkelijk een korte draai kunnen maken als je het paard aan de hand leidt op harde ondergrond. Het kan ook voorkomen dat het paard geen voetje meer wil geven, want dan moet hij zijn andere benen zwaarder belasten. Observeer je paard goed en neem bij twijfel contact op met je arts. Het hoeft geen bevangenheid te zijn: een hoefzweer, nageltred of spierbevangenheid kunnen ook dit soort tekenen geven.

Chronische fase

  • Het paard neemt het gewicht van de voorhand af door de benen naar voren te plaatsen vóór het lichaam en de achterbenen worden wat onder het lichaam gezet en die nemen het gewicht over. Dit wordt herkend als de typsiche, hangende bevangenheidsstand.
  • Het paard is rusteloos en voelt zich zichtbaar niet lekker.
  • In deze fase kan het hoefbeen kantelen, druk op de zool uitoefenen en daar zelfs door heen prikken.

De voorkant van de hoef van een paard dat hoefbevangen is geweest, krijgt vaak een geribbeld uiterlijk. De witte lijn kan verbreden als het deel van de wand dat losgekomen is tijdens de acute fase van de bevangenheid naar beneden toe uitgroeit.

Diagnose

Kanteling van het hoefbeen op röntgenfoto

Als er verdenking van hoefbevangenheid is, is het aan te bevelen röntgenfoto’s van de hoeven te laten maken. Aan de buitenzijde van de hoeven is immers niet te zien hoe groot de schade is. Voor zowel de arts als de hoefsmid zijn röntgenfoto’s een onmisbaar hulpmiddel: als men kan zien wat precies de positie van het hoefbeen is ten opzichte van de hoefwand, kunnen gepaste maatregelen genomen worden, hetzij door aangepast beslag of een aangepaste wijze van bekappen.

Het is ook aan te bevelen om het bloed te laten onderzoeken op insuline factoren – de Gezondheidsdienst Deventer heeft voor artsen een testkit met instructies beschikbaar, waarmee onderzocht kan worden of er wellicht sprake is van insuline resistentie.

Behandeling

Om het probleem op te lossen of in ieder geval zo veel mogelijk te verzachten, zijn er meerdere mogelijkheden:

  • De bloedaanvoer naar het lamilaire deel van de hoef moet toenemen. Dit kan door Clenbuterol of Acetylpromazine.
  • Het kantelen van het hoefbeen moet worden voorkomen of gestopt. Dit kan door middel van goed bekappen en speciaal beslag, meestal zal het paard een zooltje krijgen met siliconen of hoofpad.

Vaak wordt de zool opgevuld met kunststof zodat de druk van het gewicht van het paard verdeeld wordt over een groter oppervlak en de zool die dunner wordt door de druk van het straalbeen te ondersteunen. Een product dat daarvoor gebruikt kan worden is Equi-Pak. [2]

  • De pijn moet worden bestreden door middel van pijnstillers. Zeker in de acute fase is dit van belang.
  • Managementmaatregelen: het paard moet op complete boxrust zodat de verbinding tussen hoefbeen en hoefwand niet verder verzwakt. Uiteraard mag het paard geen vet gras meer en moet het niet overmatig worden gevoerd.

Acute hoefbevangenheid (wanneer het hoefbeen nog niet is gekanteld) kan herstellen, maar dit herstel kan maanden duren. Het paard zal altijd gevoelig blijven voor hoefbevangenheid en men moet dus oppassen dat het niet nog een keer gebeurt.

Bij chronische hoefbevangenheid zal het hoefbeen niet meer in zijn normale positie komen. Door middel van speciaal beslag (bijvoorbeeld breakover ijzers) is het wel mogelijk om het lopen minder pijnlijk te maken voor het paard. De mate van kanteling van het hoefbeen bepaalt de ernst van de aandoening. In ernstige gevallen zal het paard altijd kreupel blijven en pijn houden, dan is het vaak paardwaardiger om tot euthanasie over te gaan.

Preventie

  • Voer zo dat het paard geen overgewicht krijgt en vermijdt (teveel) krachtvoer bij paarden die niet hoeven werken.
  • Verander je van voer of hoeveelheid, doe dit dan geleidelijk vooral van de weidegang naar krachtvoer en andersom.
  • Voer altijd genoeg ruwvoer.
  • Pas op met giftige planten en ongeschikt voer zoals aardappels, brood, suikerhoudende voedingsmiddelen zoals appels en wortels. Ook paardensnoepjes en pepermuntjes bevatten veel suiker!!
  • Laat de nageboorte goed controleren.
  • Laat een paard niet te hard werken op een harde ondergrond (pas vooral op bij paarden voor de koets).
  • Pas op met bepaalde medicijnen zoals corticosteroïden, raadpleeg de dierenarts.
  • Pas op met jong (Fructanen) gras in het voorjaar en najaar. Op de site van Paard Natuurlijk vind je de fructaanwijzer. Deze geeft een benadering voor wat je in jouw omgeving die dag aan fructaanvorming in het gras mag verwachten. Zie http://www.paardnatuurlijk.nl/cgi-bin/switch.cgi?d=http://www.hoefnatuurlijk.nl/misc/fructihelp.htm
  • Laat de smid tijdig komen en verzorg de hoeven goed. Een paard dat al eens bevangen geweest is heeft vaak speciaal beslag nodig.
  • Laat zolen niet te dun worden.
  • Zorg voor een goed weide management. Weides juist wel correct bemesten zodat je onkruid groei van bijvoorbeeld klaver tegen gaat. Ook andere schadelijke onkruiden zullen minder snel groeien omdat het gras meer kans tot groeien krijgt.
  • Tenslotte, maar heel belangrijk: Geef je paard voldoende beweging!! Koolhydraten zijn de energieleveranciers voor het paaardenlijf. Die energievoorraad wordt aangesproken als je paard zich moet inspannen door voldoende beweging, en daardoor worden de koolhydraten efficiënt verbruikt. Beweegt het paard te weinig dan wordt het overschot aan suiker/koolhydraten opgeslagen in de vorm van vet en kan mogelijk als trigger voor ziekte optreden.
  • Hou er rekening mee dat als je paard bevangen is geweest, je dit altijd aan je arts moet melden bij de behandeling van andere aandoeningen. Zalven met corticosteroiden kunnen nog wel gebruikt worden, maar injecties met deze stof kunnen opnieuw bevangenheid veroorzaken.

Referenties, bronnen en/of voetnoten

  1. The merck veterinary manual, tenth edition
  2. http://vettec.com/equi-pak-180cc

Mede-auteurs