Idee voor een Wiki artikel? Lees in dit artikel hoe je kunt helpen!

Oefeningen in western

Uit Bokt

Ga naar: navigatie, zoeken

Op wedstrijden en tijdens de les worden verschillende western oefeningen gevraagd. Hieronder een overzichtje van wat wat precies is, en wanneer het gevraagd wordt.

Een spin

Back-up

Bij een back-up moet het paard zijn achterhand goed gebruiken en moet het op lichte hulpen van de ruiter zich naar achteren bewegen. In de reining wil de jury graag een vlotte back-up zien. Sommige paarden kunnen zelfs naar achteren “rennen”.

In vrijwel elk onderdeel kan een back-up gevraagd worden. Er kan in de western horsemanship gevraagd worden om 5 passen achterwaarts, waar er in de trail vaak achterwaarts door een figuur gelopen moet worden.

Lead change (simple)

De simple lead change is een gemakkelijke (eenvoudige) galopwissel waarbij het paard even terugkomt naar draf waarna het vervolgens in de andere galop wordt gezet.

Lead change (flying)

De flying lead change is een vliegende galopwissel. Hierbij mag het paard niet terugkomen naar de draf.

Leg-Yield

De leg-yield is wat de Engelse ruiter wijken voor het been noemt. Het paard beweegt zich zowel voorwaarts als zijwaarts waarbij het hoofd licht gebogen mag zijn naar de kant waar het niet heen gaat. De leg-yield kan pas goed worden uitgevoerd als het paard goed in balans is, op zijn eigen 4 benen loopt en verzameld is. Leg-Yield kan worden gevraagd bij western horsemanship en hunter seat equitation.

Line-up

Dit is niet zozeer een oefening, maar het wordt wel gevraagd op veel wedstrijden. Hierbij ga je samen met de overige deelnemers uit jouw klasse op de middenlijn staan. In de pleasure kan je zelf kiezen waar je gaat staan, maar in de horsemanship sta je altijd op de volgorde waarin je de proef hebt gereden.

Je paard dient bij de line-up netjes stil te staan. Agressieve uitingen naar andere paarden zijn uit den boze, en zullen je niet in dank worden afgenomen door de jury. In het ergste geval kan het een diskwalificatie tot gevolg hebben.

Sidepass

Sidepass over een balk

De sidepass is een volledig zijwaartse gang. Hierbij zet het paard kruislings zijn benen opzij; bij een sidepass naar rechts gaan rechtsvoor/linksachter en linksvoor/rechtsachter tegelijkertijd opzij. Hierbij moeten de benen vóórlangs kruisen. Deze oefening wordt gevraagd in de trail.

De sidepass is een lastige oefening, aangezien je met beide handen en beide benen tegelijk hulpen geeft. Aan de kant waar je heen gaat, is de teugel van de hals af (eventueel vraag je wat stelling) en je been zorgt dat je paard recht blijft. Wanneer je paard bijvoorbeeld de neiging heeft om om zijn achterhand te gaan draaien in plaats van volledig zijwaarts te gaan, kan je je been op de singel houden om hem daar tegen te houden. Aan de kant waar je niet heen gaat, is de teugel aan de hals en je been duwt het paard de kant op waar je heen wilt.

De sidepass is soms moeilijk te begrijpen voor het paard. Belangrijk in ieder geval dat je paard licht aan het been is en dat hij goed reageert op de teugel aan de hals, voor je aan deze oefening begint.

Spin

Spin

De spin is een draai van 360 graden met de voorhand om de achterhand waarbij het binnenachterbeen, het pivotbeen, blijft staan. Ondanks dat de achterhand moet blijven staan is de spin ook een voorwaartse beweging; het paard stapt met zijn buitenvoorbeen vóórlangs zijn binnenvoorbeen.

Deze oefening wordt gevraagd in de reining. Hierbij is een snelle spin gewenst, en het spectaculairst om te zien. Het is belangrijk dat het paard op de hulpen van de ruiter direct weer stil blijft staan en daarbij ook recht is.

Wanneer je de spin wil aanleren, is het belangrijk dat je paard een sterke achterhand heeft. Vergeet ook niet regelmatig af te wisselen: steeds dezelfde kant op draaien is erg zwaar voor je paard en het kan jullie beiden gaan duizelen.

Met de spin begin je klein: draaien om de achterhand. Wanneer je goed drijft bij de singel, zal je paard zijn benen na een tijdje gaan kruisen en zal de achterhand steeds stiller blijven. Begin niet met (veel) snelheid maken voor de beweging helemaal in orde is en het pivotbeen goed blijft staan! Beloon ook regelmatig tussendoor met een stukje rechtuit wandelen.


Simple stop

Bij een simple stop komt het paard op lichte hulpen direct tot stilstand. Hij glijdt niet door zoals bij de sliding stop, maar staat direct stil. Net als bij de sliding stop moet de achterhand onder het lichaam zijn en het hoofd laag. Wanneer de simple stop goed is uitgevoerd, staat het paard al direct in een goede houding om bijvoorbeeld een back-up of een rollback in te zetten. Dit is handig tijdens het trainen.


Sliding stop

Sliding stop

De sliding stop is een zogenaamde “actieve stop”, meestal vanuit galop, waarbij het paard zijn achterhand duidelijk onder het lichaam plaatst en doorglijdt. De voorbenen van het paard lopen, al naar gelang de afstand het paard glijdt, door. Om tot een goede sliding stop te komen moet het paard recht en verzameld zijn. Het paard wordt vervolgens op een rechte lijn gezet en er wordt een zogenaamde “run down” gemaakt: een versnelling. Door deze snelheid glijdt het paard langer door en worden de stops spectaculairder om te zien.

Voor het maken van een goede sliding stop, is een speciale bodem nodig. Niet alle stallen beschikken over een rijbaan die geschikt is voor het maken van deze stops.


Two-Track

Two-track is wat Engelse ruiters “schouder vóór” noemen. Hierbij loopt het paard voorwaarts en licht zijwaarts waarbij de binnenhand licht naar binnen gebogen is. Het paard loopt hierdoor in 2 hoefslagen. De two-track kan pas goed worden uitgevoerd als het paard goed in balans is, op zijn eigen 4 benen loopt en verzameld is. De two-track kan worden gevraagd bij western horsemanship en hunter seat equitation.

Reverse

Een reverse is in feite een links- of rechtsomkeert. Het verschil met een links- of rechtsomkeert in de klassieke dressuur is echter dat het weinig vereisten heeft. Wanneer er gevraagd wordt om een reverse, bijvoorbeeld in de pleasure, hoeft dit niet op een speciale plek in de rijbaan. Ook hoeft de middellijn van de bak niet geraakt te worden. 'Reversen' is simpelweg je paard van de hoefslag af sturen, omdraaien in een deel van een cirkel, en weer terugkeren naar de hoefslag. Uiteraard blijft het paard in een constant tempo lopen en valt beslist niet uit de gang waarmee de reverse was ingezet.

De reverse wordt gevraagd in de pleasure.

Roll-back

Een rollback maken tijdens de training

De roll-back is een draai van 180 graden met de voorhand om de achterhand waarbij het binnenachterbeen, het pivotbeen, blijft staan. Deze draai wordt vanuit een voorwaartse gang gevraagd waarbij het paard op de andere hand weer vertrekt in dezelfde gang als waar het de oefening mee startte. De roll-back komt voornamelijk in de reining voor. Hierbij komt het paard op de rechte lijn aan vanuit galop, stopt en springt met de voorbenen om en vertrekt direct weer in galop. Anders dan bij het spinnen 'springt' het paard veel meer om, in plaats van dat het paard om zijn achterhand heen 'loopt' met zijn vooorbenen.


Foto's



Bij dit artikel ontbreken afbeeldingen.

We zijn specifiek op zoek naar: Foto's/filmpjes van Leg-Yield, Two-Track, Simple lead change, Flying lead change

Als je dit artikel aan wilt vullen kun je op bewerk klikken om je kennis aan dit artikel toe te voegen.